Fiscus herziet grensbedragen inkomstenbelastingen voor aanslagjaar 2015

De fiscus heeft de geïndexeerde grensbedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aanslagjaar 2015, die voorkomen in het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 1992), herzien.

Geïndexeerde aj. 2015 bedragen herzien

De belastingadministratie heeft de bedragen inzake inkomstenbelastingen voor het aj. 2015, die ze in januari 2014 in het Staatsblad had gepubliceerd, afgestemd op de wijzigingen die de wet van 8 mei 2014, de wet van 15 mei 2014 en de programmawet van 19 december 2014 in het WIB 1992 hebben aangebracht.

De ?herziene? grensbedragen voor het aj. 2015 verschenen in het Staatsblad van 21 januari 2015.

Deze 'herziening' kwam er onder meer:

naar aanleiding van de verruiming van de fiscale autonomie van de gewesten in het kader van de zesde staatshervorming. Heel wat fiscale voordelen zijn geregionaliseerd. Zo zijn het bv. de gewesten die sinds het aanslagjaar 2015 bevoegd zijn voor de fiscale behandeling van uitgaven voor het verwerven of behouden van de ?eigen woning? (wet van 8 mei 2014);

omdat de Federale Regering eind 2014 een ?Pact voor competitiviteit, werkgelegenheid en relance? afsloot met de gemeenschappen en de gewesten. De wet van 15 mei 2014 voerde dit Pact uit. Arbeidskostvermindering was daarbij de rode draad, gekoppeld aan enkele fiscale maatregelen. Sinds 1 april 2014 bedroeg bv. het belastingkrediet 14,40% van de vermindering van de werknemersbijdragen voor de sociale zekerheid (werkbonus) waarop de werknemers recht hebben, met een maximum van 130 euro per belastbaar tijdperk. De wet van 15 mei 2014 liet dit maximumbedrag van 130 euro stijgen, eveneens vanaf 1 april 2014, tot 200 euro. Om de koopkracht van de werknemers met lage lonen te versterken, verhoogt de Regering op 1 januari 2015, op 1 januari 2017 en op 1 januari 2019 nog telkens het aandeel van de werkbonus dat door een belastingkrediet wordt gedekt, en het plafond (wijziging art. 289ter/1, WIB 1992; art. 9 en art. 10, wet van 15 mei 2014);

doordat de Federale Regering de indexering van enkele ?fiscale uitgaven? (die niet gerelateerd zijn aan het activiteitsinkomen) tot en met het aanslagjaar 2018 heeft ?bevroren? op de geïndexeerde bedragen die gelden voor het aanslagjaar 2014 (art. 5 tot en met art. 16, PW 2015).

Bron: Stafdienst Beleidsexpertise- en Ondersteuning. - Dienst Reglementering. - Bericht in verband met de automatische indexering inzake inkomstenbelastingen. - Aanslagjaar 2015, BS 21 januari 2015 (?herziene? bedragen aj. 2015)

Zie ook:
- Programmawet van 19 december 2014, BS 29 december 2014 (PW 2015) - art. 5 tot en met art. 16
- Wet van 8 mei 2014 tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 ingevolge de invoering van de gewestelijke aanvullende belasting op de personenbelasting als bedoeld in titel III/1 van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten, tot wijziging van de regels op het stuk van de belasting van niet-inwoners en tot wijziging van de wet van 6 januari 2014 met betrekking tot de Zesde Staatshervorming inzake de aangelegenheden bedoeld in artikel 78 van de Grondwet, BS 28 mei 2014.
- Wet van 15 mei 2014 houdende uitvoering van het pact voor competitiviteit, werkgelegenheid en relance, BS 22 mei 2014.
- Stafdienst Beleidsexpertise -en ondersteuning. - Administratie van Fiscale Zaken. - Bericht in verband met de automatische indexering inzake inkomstenbelastingen. Aanslagjaar 2015, BS 20 januari 2014.

Share