Regering pint loonnorm op 0%

De maximummarge voor de ontwikkeling van de loonkosten in 2013 en 2014 wordt vastgelegd op 0%. De indexeringen en baremieke verhogingen zijn wettelijk gewaarborgd en blijven dus van toepassing. Dat blijkt uit een KB van 28 april 2013.

IPA

Deze manier van werken is niet gebruikelijk. Meestal wordt de loonnorm vastgelegd in het tweejaarlijks interprofessioneel akkoord (IPA). Dit gebeurt op basis van een technisch rapport waarin de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) de marges voor de loonkostenevolutie in ons land vastlegt.

Zo heeft de CRB op 21 december 2012 aangestipt dat de loonkostenkloof met 3 buurlanden met 0,8% is toegenomen in de periode 2011-2012. De verwachte evolutie in Duitsland, Frankrijk en Nederland is het referentiepunt.

Let wel, de loonnorm voor 2011 en 2012 werd ook vastgelegd bij KB omdat de sociale partners niet tot een akkoord kwamen. Toen was de norm 0,3%, toe te passen vanaf 2012.

Loonnorm

De loonnorm bepaalt hoeveel ruimte er de komende twee jaar is voor loonsstijging. Eind vorig jaar schoof de regering een loonnorm van 0% naar voor om de loonkost van de Belgische ondernemingen in 2013 en 2014 onder controle te houden. Maar aangezien de sociale partners het bij de IPA-onderhandelingen niet eens raakten, wordt de loonnorm nu met een KB opgelegd nadat ook een voorstel tot consensus over de maximale marge werd afgeschoten.

De 0%-norm werd aanvaard op de ministerraad van 29 maart 2013. Tijdens een bijeenkomst van de regering en de sociale partners op 27 februari 2013 werd immers formeel vastgesteld dat er geen akkoord was. En dus viel men terug op het mechanisme dat de Wet op de Bevordering van de Werkgelegenheid van 26 juli 1996 voorschrijft.

Sancties

Bij een overschrijding van de loonnorm zijn sancties in principe mogelijk. Maar eigenlijk is de loonnorm eerder een indicatie. Het is in ieder geval zeer moeilijk om in te schatten wat de gevolgen zijn van een individuele loonsverhoging voor de globale gemiddelde loonkost ...

Soms gaat men ervan uit dat het KB dat nu op tafel ligt, een sterker instrument is dan het gebruikelijke IPA omdat zo'n akkoord enkel een morele verbintenis is voor de organisaties die bij de onderhandelingen rond de tafel zaten. Maar daar bestaat geen eensgezindheid over. Want de wet van 26 juli 1996 schrijft voor dat de opgelegde marge voor de loonkostenontwikkeling niet mag overschreden worden door overeenkomsten op intersectoraal, sectoraal, bedrijfs- of individueel niveau. En daarbij wordt geen onderscheid gemaakt naargelang het gaat om een norm die neergeschreven is in een KB of in een IPA.

In werking

Het KB van 28 april 2013 treedt in werking op 2 mei 2013.

Bron: Koninklijk besluit van 28 april 2013 tot uitvoering van artikel 7, § 1, van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen, BS 2 mei 2013

Zie ook:
? Wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen, BS 1 augustus 1996 (art. 7, §1 en art. 6, §3 van de Wet op de Bevordering van de Werkgelegenheid)
? Persbericht ministerraad, 29 maart 2013, Ontwerp van koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 7, § 1, van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen
? Koninklijk besluit van 28 maart 2011 tot uitvoering van artikel 7, par. 1, van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen, BS 1 april 2011

Share